Home / glossary / gedrag: aangaan professional

  GEDRAG: AANGAAN PROFESSIONAL  

Een professional die een voor haar lastige situatie gedragsmatig aangaat, probeert door activiteiten iets te doen aan die situatie. Ze zoekt hiermee naar mogelijkheden om professioneel te blijven, of als ze uit haar rol is geschoten naar mogelijkheden om zichzelf te hernemen. Het is haar voornaamste doel om in contact te blijven met haar cliënt. Dit kan op verschillende manieren.

Een professional is doelgericht actief als ze ondanks wat er met haarzelf gebeurt in staat is om op haar cliënt gericht te blijven en niet in haar eigen gedachten en gevoelens verstrikt te raken. Ze kiest uit haar waaier van mogelijkheden voor de meest geschikte actie in de gegeven situatie. De actie kan bestaan uit de inzet van bepaalde gesprekstechnieken, zoals actief luisteren en feedback geven, maar bijvoorbeeld ook uit het verzamelen van informatie en het bewust maken van keuzes.
Bijvoorbeeld: Een cliënt komt bij ergotherapie en geeft aan dat hij het onzin vindt dat hij moet leren koken met één hand, aangezien hij zeker weet dat zijn andere hand het weer gaat doen. De professional interpreteert deze overtuiging van haar cliënt als een irreële verwachting, maar beseft dat het verloop van het verwerkingsproces en de tijd haar bondgenoten zijn en dat haar mening er hier niet zoveel toe doet. Ze sluit aan bij haar cliënt en zeg empatisch: ‘Tsja, dan begrijp ik dat u denkt: wat kom ik hier doen?’ Ze kiest ervoor om hem niet te confronteren en zegt: ‘Hoe zou u het vinden om er in ieder geval voor te zorgen dat u de arm die het wel doet zo leert gebruiken dat deze niet overbelast raakt?’

Steun zoeken doet een professional meestal achteraf. Zij kan soms haar professionele houding in een voor haar lastige situatie niet vinden en kan dan heel goed advies en ondersteuning gebruiken. Vaak zal die steun van collega’s of van het thuisfront komen.
Bijvoorbeeld: Een professional merkt dat ze steeds weer moeite heeft met een bepaalde cliënt en vraagt aan haar collega’s hoe zij met deze cliënt omgaan. Als de interactie moeizaam blijft, brengt ze de casus in bij intervisie. Omdat ze merkt dat ze vaker moeite heeft met een bepaald soort reacties van cliënten, vraagt ze supervisie aan om dit thema onder de loep te nemen.

Ontspannen is ook een vorm van handelen, als de professional het bewust inzet. Om zelf niet overspoeld te raken door de spanningen van de cliënt, door de druk van de omstandigheden of door haar eigen emoties, of om te zorgen dat de cliënt niet overspoeld raakt. Ze zet het zoeken naar rust of relativering dus bewust in de interactie met haar cliënt in.
Bijvoorbeeld: Een cliënt komt overstuur binnen. De professional gaat niet gelijk in op wat de cliënt allemaal inbrengt, maar helpt hem eerst tot rust te komen. Ze moedigt aan tot bewust ademhalen en haalt eventueel wat te drinken. Als de cliënt rustiger is, vraagt ze hem zijn verhaal te doen. Als ze merkt dat ze zelf onrustig wordt, controleert ze haar ademhaling en ontspant zich bewust.

naar gedrag: aangaan cliënt
naar reflectiemodel