Home / glossary / cognitie: vermijden cliënt

  COGNITIE: VERMIJDENCLIËNT  

Kenmerkend voor deze coping strategie is dat een cliënt niet wil of kan nadenken over de moeilijke situatie. Hij ontwikkelt allerlei manieren om zich niet bewust te hoeven zijn van wat er werkelijk aan de hand is.

Bij negeren zitten gedachten wel heel hoog in het bewustzijn, maar toch besluit de cliënt dat hij ze niet wil waarnemen. Hij sluit zijn ogen voor een werkelijkheid die hij eigenlijk wel kent. Zelfs piekeren kan op die manier worden ingezet. Iemand is dan schijnbaar in gedachten met de moeilijke situatie bezig, maar hij doet dat door te focussen op details. Zo hoeft hij het geheel niet onder ogen te zien.
Bijvoorbeeld: Een cliënt vertelt dat hij overdag tijdens het revalideren niet echt met zijn toestand bezig is, maar zodra hij in bed ligt komt alles op hem af. Hij houdt zichzelf dan krampachtig voor dat hij daar nu niet aan wil denken en alleen met zijn herstel bezig wil zijn. Hij loopt in zijn gedachten opnieuw door de oefeningen van de dag heen tot hij in slaap valt. Of een cliënt blijft bezig met zorgelijke gedachten over de toekomst. Hij komt met dit malen niet tot inzicht en maakt geen begin met de verwerking.

Bij het buiten zichzelf plaatsen projecteert de client de verantwoordelijkheid voor de situatie op een ander en onttrekt zich daarmee aan zijn persoonlijke verantwoordelijkheid. Of hij legt de verantwoordelijkheid bij een hogere macht. Hij vermijdt het bewustzijn dat, wat er ook gebeurd is, hij nu zelf met de moeilijke situatie aan de slag zal moeten.
Bijvoorbeeld: Een cliënt gaat helemaal op in het procederen; hij kan pas verder met zijn leven als de dokter die hem dit heeft aangedaan gestraft is. Of een cliënt vraagt om hulp en wijst tegelijk alles wat hem aangeboden wordt af. Hij kan het niet opbrengen om zelf weer met zijn leven aan de slag te gaan, hij voelt zich te zeer slachtoffer van wat hem is overkomen. Of een cliënt gaat niet aan de slag omdat God hem in de moeilijke situatie heeft geworpen en hem er ook weer uit zal halen als het daarvoor tijd is.

Bij omvormen verandert een cliënt zijn gedachten over de werkelijkheid zodanig dat die werkelijkheid voor hem acceptabel wordt. Dit kan op twee manieren. Enerzijds kan een cliënt de werkelijkheid nuchterder benaderen dan hij normaal gesproken zou doen, en daarbij zijn eigen verlangens en behoeften terzijde schuiven. Er wordt dan wel gezegd dat iemand erg ‘in zijn hoofd zit’. Een heel andere manier van omvormen is het negeren van de nuchtere realiteit, en het opgaan in gedachten over hoe het zou kunnen zijn. Daarmee kan iemand de realiteit uit het oog verliezen.
Bijvoorbeeld: Een cliënt zegt dat het met hem meevalt en dat hij niets te klagen heeft, omdat andere mensen er veel erger aan toe zijn. Of hij zegt dat hij al zoveel heeft meegemaakt dat deze moeilijke situatie hem niets meer doet. Of een cliënt met een dwarslaesie droomt over stamceltherapie en houdt zichzelf voor dat hij na zijn geplande reis naar China lopend terugkomt.

naar cognitie: vermijden professional
naar reflectiemodel