Home / glossary / cognitie: ontregelen cliënt

  COGNITIE: ONTREGELENCLIËNT  

Als de spanning te ver oploopt, kan een cliënt de controle kwijtraken. Hij heeft dan geen vat meer op zichzelf en is ontregeld. Wanneer de ontregeling zich cognitief uit, is iemand niet in staat de moeilijke situatie waarin hij zit onder ogen te zien. Misschien is de cliënt nog te geschokt, misschien is hij in paniek, of is de situatie te bedreigend; wat de reden ook is, hij is eigenlijk niet in staat om cognitief met de situatie om te gaan. Een ontregelde coping – cognitief, emotioneel of gedragsmatig – kan zich op vele manieren manifesteren. Er zijn daarbij altijd twee basispatronen te onderscheiden: blokkeren en doorschieten.

Ontkennen is cognitief blokkeren: feiten worden weggedrukt. Ontkennen is een poging van de cliënt om de realiteit van de situatie bij zich weg te houden. Het is niet zozeer dat hij er ‘niet aan wil denken’ (cognitief vermijden); hij weert de realiteit volledig uit zijn bewustzijn. Dat kan door te ontkennen dat de situatie überhaupt bestaat, of door de ernst van de situatie te ontkennen, of door zijn focus te richten op een toekomst waarin de situatie anders zal zijn.
Bijvoorbeeld: Een cliënt is ervan overtuigd dat zijn diagnose ALS niet juist is. Een cliënt beseft dat hij een dwarslaesie heeft en is er desondanks van overtuigd dat hij binnen afzienbare tijd weer zal lopen. Of een cliënt weet zeker dat het geluk weer met hem zal zijn zodra hij een vrouw uit Marokko heeft gehaald die hem de rest van zijn leven onvoorwaardelijk zal steunen.

Catastroferen is cognitief doorschieten. Bij catastroferen is de cliënt de controle over zijn gedachten en daarmee zijn besef van de realiteit kwijt. Zijn hoofd slaat op hol en hij heeft panische gedachten over een realiteit die nog veel erger lijkt te zijn dan deze toch al is. De cliënt voelt zich niet in staat tot het hernemen van de verantwoordelijkheid over wat hij denkt. Hij ervaart zijn situatie als onbestuurbaar.
Bijvoorbeeld: Een cliënt die niet meer kan lopen, is ervan overtuigd dat hij nooit meer zinvolle activiteiten zal kunnen ondernemen. Een cliënt met chronische pijn koestert de overtuiging dat alles wat hij onderneemt zijn pijn zal verergeren. Een cliënt wil niet revalideren omdat het toch allemaal geen zin meer heeft. Een cliënt ziet euthanasie als enige oplossing voor zijn toestand.

naar cognitie: ontregelen professional
naar reflectiemodel