Home / glossary / cognitie: aangaan professional

  COGNITIE: AANGAAN professional  

De professional gaat een voor haar lastige situatie cognitief aan wanneer ze probeert zicht te krijgen op wat er precies gebeurt en wat dit betekent voor haar cliënt, voor haarzelf en voor de interactie tussen hen. Bij het cognitief aangaan zijn er verschillende strategieën, die elkaar kunnen opvolgen.

Bij reflecteren observeert de professional bewust de situatie. Ze beschouwt wat er bij haar cliënt en haarzelf gebeurt en bezint zich hierop. Dit kan zowel tijdens het contact als achteraf. Zij vormt zich bewust een beeld van de krachten die in de voor haar lastige situatie werkzaam zijn en onderzoekt die.
Bijvoorbeeld: Een professional ziet dat haar cliënt zijn transfer heel onhandig en daardoor onveilig maakt. Ze ziet de slordige handelingen en de angstige, onzekere blik in de ogen van haar cliënt. Terwijl ze ongeduldig ingrijpt, observeert zij zichzelf en wordt zich bewust van haar ongeduld en haar cognitie: ‘Hij zou het nu toch moeten kunnen, want we hebben het al zo vaak samen geoefend.’

Bij controleren beschouwt de professional de situatie vanuit de intentie om in te grijpen. Ze analyseert, overweegt welke benadering kan bijdragen aan een betere of prettiger situatie voor haar cliënt en voor haarzelf. Ze bekijkt alle mogelijkheden en zoekt naar openingen. Ze probeert haar professionele attitude in stand te houden door zichzelf toe te spreken.
Bijvoorbeeld: De professional schrikt als haar cliënt angstig een onveilige transfer maakt. Ze bedwingt haar neiging om ongeduldig ‘pas op’ te roepen en zegt tegen zichzelf: ‘Rustig blijven, haal even diep adem.’ Ze denkt: ‘Waarom blijft hij dit zo doen, terwijl ik weet dat hij het wel goed kan?’ Ze overweegt alternatieve benaderingswijzen. Ze vraagt op rustige toon aan haar cliënt: ‘Hoe vond je dit gaan?

Herdefiniëren is een manier om de situatie beheersbaar te maken. De professional probeert zich de problematische situatie op een andere manier voor te stellen. Ze probeert voor zichzelf de situatie zo te benoemen dat ze er op een constructieve manier mee aan de slag kan. Ze zet oordelen om in feitelijke observaties. Ze geeft feedback volgens de regels, in plaats van kritiek te uiten.
Bijvoorbeeld: De professional verandert haar oordeel: ‘ik vind dit een lastige cliënt’ in de gedachte: ‘ik vind het moeilijk om deze cliënt te bereiken, hoe zou ik hem nog meer aan kunnen spreken?’ Of een professional herdefinieert haar gedachte: ‘Mijn cliënt móet echt veel meer oppakken, anders haalt hij niet het maximale uit zijn therapie.’ Ze denkt nu: ‘Dit is wat mijn cliënt op dit moment aankan; ik vind dat jammer, want ik zie nog zo veel meer mogelijkheden.’ Of een professional zet haar kritiek op een cliënt die steeds te laat op therapie komt om in feedback en zegt: Ik vind het zo zonde dat u steeds tien minuten van de therapietijd mist en ik vind het onbevredigend dat ik daardoor het programma dat ik voor u heb voorbereid niet kan afronden. Ik wil graag dat u op tijd komt, zou dat u kunnen lukken?’

naar cognitie: aangaan cliënt
naar reflectiemodel